Participate!
Menu
Delen via:
Home Autisme begrijpen Leven met autisme Autisme en het netwerk Autisme en het gezin De invloed van de gezinssamenstelling

De invloed van de gezinssamenstelling

Wat de plaats in het gezin en de gezinssamenstelling betreft, onderscheiden we drie mogelijke problemen

Jongere kinderen

Jongere kinderen geven de indruk dat ze zwaarder beproefd en overweldigd worden door het autisme van hun oudere broer of zus. Ze lijken kwetsbaarder en gaan minder in confrontatie met het oudere kind. Ze lijken ook meer verloren in hun identiteitsvorming omdat ze niet op het rolmodel van het oudere kind kunnen terugvallen. Ze steken hun oudere broer of zus met autisme immers vaak voorbij en dat op de meeste of zelfs alle vlakken. De situatie van de jongere kinderen verschilt ook van die van de oudere door de manier waarop ze door hun ouders worden verwelkomd. De jongere kinderen worden immers bijna altijd geboren op een moment dat de ouders al volledig door de autismeproblematiek in beslag worden genomen.

Oudere kinderen

Een ander probleem constateren we bij oudere kinderen, vooral bij meisjes. Ze bevinden zich vaker in een leerrelatie en zijn vooral bezig met allerlei te beredderen voor het jongere kind dat het zo moeilijk heeft. Oudere kinderen nemen altijd dezelfde relationele posities in (de ouderrol opnemen, berusting, onmacht), wat het jongere kind met autisme belet om als kind onder de kinderen te worden gezien. Het gezonde kind zal immers ofwel de positie van ouder innemen, ofwel een positie van grenzeloze aanvaarding die elke agressiviteit afblokt, ofwel een positie waarin het niet tegen het jongere broertje of zusje zal ingaan en zich zal laten overweldigen door zijn gedrag.

Het aantal kinderen in het gezin

In een gezin met twee kinderen moet het tweede kind de moeilijkheden en de vragen die de aanwezigheid van een broer of zus met autisme oproept alleen dragen. Er is geen ander gezond kind in het gezin waarmee hij zich kan identificeren. Het kind met autisme spiegelt hem enkel het verschil. De relatie tussen beiden is ongelijk en berust vaak op fysieke spelletjes. Het kind krijgt binnen het gezin bovendien niet de gelegenheid om complexere symbolische spelletjes te spelen die een beroep doen op zijn verbeeldingskracht en creativiteit. Omgekeerd kan in een gezin met meer dan twee kinderen de problematiek worden opgevangen door meerdere personen die elk een verschillende rol opnemen. De moeilijkheden kunnen worden geuit en gedeeld zonder dat de ouders aanwezig zijn. En de kinderen kunnen elkaar steunen zonder dat de ouders tussenbeide moeten komen.